Een vinnig lichaam met iets te weinig vlees

Verman je ()
recensie door in

Afgelopen Offerfeest vroeg men mij Verman je van Filip Rogiers te recenseren en ik had niet meteen een excuus voorhanden. Dat zul je altijd zien.  

Het recensie-exemplaar arriveerde gedreven op een koude wind, gehuld in een stofhoes en toch rillend. De beschermende laag schoot uit pure fragiliteit tekort. Dat treft mij trouwens altijd als uiterst zinloos en zelfs enigszins contradictoir: een hardcover gewikkeld in een stofhoes. In theorie beschermt de hoes het boek. De hoes is echter kwetsbaarder dan de inhoud, een airbag vol zwakke plekken. Tijdens het lezen laat ik het papieren harnas achter in het rek en trek met de naakte ridder naar zetel of treinwagon. De stofhoes heeft iets archaïsch, het is een soort reliek. Ooit werd er belang aan gehecht, vandaag is het voorbij gestreefd. Of beter nog: evolutionair overbodig geworden, een letterkundige neef van de stuit of de tepels bij de man.

Verman je is een prima roman met een handvol werkpuntjes

Eens voorbij de stofhoes geraakt opent Verman je met de regel dialoog: “Ervaring is noodzakelijk, geschiedenis onwenselijk.” Een aardige maxime, ik stel voor dat we het maar meteen even volgen. Zodoende negeren we best dat Verman je de debuutroman is van een journalist bij een krant, die ooit AVV-VVK op de voorpagina torste. Dat de auteur eerder een verhalenbundel pende die bekroond werd met de Debuutprijs van Boek.be. Dat Verman je de eerste uitgave was van een gloednieuwe uitgeverij.

Ziezo, het afval der omstandigheden staat op het trottoir te wachten. Blijft er over: een prima roman met een handvol werkpuntjes. Het is het verhaal van ene Hofman, voornaam onbekend. De tijdsgeest is hem onglipt maar hij beseft het nog niet. Bij gebrek aan kompas weet hij niet dat hij het noorden kwijt is. Meest duidelijke illustratie: anderhalf decennium ver in de eenentwintigste eeuw vindt hij het nog steeds nodig pornografische materialen te downloaden alsof de streamingrevolutie nooit heeft plaatsgevonden.

Hofman was ooit psychologisch begeleider in het secundair onderwijs tot zijn carrière er spaak liep op toenemend cynisme. Na zijn ontslag wordt hij opgevist als headhunter door het schimmige bedrijf WiLink. Een vage job met verplichte discretie, flexibele werkuren en opvallend weinig taken. Een boek lang wordt er enkel af en aan gereden en in levende lijve dan wel telefonisch met mensen gesproken.

De actualiteit is een vrijblijvend behang, het begint zelfs al wat te vergelen

Tussen dat bewegen en converseren door meandert een morele rode draad. Aan de ene kant staan Hofman en WiLink. Alfamannetjes die de wetten van de vrije markt volgen, goed geld verdienen en daarmee voldoende vrijheid kunnen kopen om ongebreideld hun gang te gaan. Aan de andere kant staan het meisje, de hackers en de activisten. Gezelschapsdieren met enig begrip van concepten als solidariteit, gewetensvolle wezens die volop in vraag stellen en protesteren.

Op die manier presenteert Verman je zich nadrukkelijk als een boek over onze tijd. Issues als de sociale media, internetprivacy, het neoliberalisme en partnergeweld worden in hoog tempo gehuwd aan verschijnselen als het Blanc Bleu Belge-schandaal bij Adecco, de Indignado’s en de Occupybeweging. Tot een duidelijke analyse of een diepgaande kritiek komt het helaas nergens. De actualiteit is een vrijblijvend behang, het begint zelfs al wat te vergelen. Ik kreeg er wel het gevoel van aan de juiste kant van de morele rode draad te staan. Zeker als Hofman koers zet richting een noodlottig einde, waar zijn beschermhoes tekort schiet. Zo wordt Verman je op een vreemde manier een soort feelgood-literatuur.

Stilistisch volgt Rogiers de regel die hij bij monde van Hofman formuleert

Stilistisch volgt Rogiers de regel die hij bij monde van Hofman formuleert: “Te veel kleur in tekst en beeld vond hij geen gave maar verloedering.” Het levert een functioneel taalgebruik op, zo transparant dat sporadische uitstapjes richting het abstracte (“Leven is vermijden dat Existenzfragen je neerhalen”), het archaïsche (“Het craquelé in je persoonlijkheid”) of het brutale (“Mijn kut heeft heimwee naar je hand”) vooral in storende zin opvallen. Dat zijn gelukkig de kleine uitzonderingen, de rest van het boek is sober, verzorgd en precies geschreven.

Blijft er over in de hardcover onder het dunne harnas: een vinnig lichaam met iets te weinig vlees aan de ribben, een compacte roman met veel vaart, een aangename gezel voor in zetel of treinwagon.

Verman je
Jaar van uitgave: 2015 Categorie:
Uitgever: Uitgeverij Polis Bladzijden: 172