In het spoor van Joseph Roth

Duitsland op het spoor ()
recensie door in

Met ‘Duitsland op het spoor’ voegt Els Snick een persoonlijk document toe aan haar werk over Joseph Roth. In het soms iets te breed uitwaaierende reisdocument leren we veel over Roth, Snicks familiegeschiedenis en het Duitsland van vandaag.

Els Snick (1966) is bekend als vertaler van de Oostenrijks-Hongaarse schrijver Joseph Roth (1894-1939) en van enkele andere Duitstalige auteurs, maar misschien nog meer als pleitbezorger van Joseph Roths werk. Ze stelde al twee boekjes samen met brieven en reportages van de tijdsgenoot en goede vriend van Stefan Zweig, en er zullen er hopelijk nog vele bij komen.

Via zo een boekje, Hotelmens, kwam ik enkele jaren geleden voor het eerst in aanraking met Roths werk. Het werkte aanstekelijk; sindsdien verslond ik haast al zijn in nostalgie naar Oostenrijk-Hongarije gedrenkte romans. Met een in Berlijn aangeschafte bloemlezing van zijn beste reportages, Ich zeigne das Gesicht der Zeit, spijker ik af en toe mijn Duits bij.

Op de presentatie van De blonde neger en andere portretten, Snicks jongste bundel met Rothvertalingen, las een acteur enkele van Roths portretten van veelal kleurrijke types voor. Snick bracht de inleidingen over de ontstaansgeschiedenis en maatschappelijke context van de teksten met zoveel overgave, dat het leek alsof ze de hele nacht had kunnen doorgaan.

Er zit veel energie in ‘Duitsland op het spoor’

Diezelfde energie is terug te vinden in Duitsland op het spoor, een verslag van Snicks literaire roadtrip door zes Duitse steden waar Roth ooit heeft gelogeerd. Snick verblijft in dezelfde, vaak erg chique hotels als haar idool – in de jaren 1930 hadden die steeds ook enkele kleine, goedkopere kamers ter beschikking, wat de berooide, aan alcohol verslaafde Roth goed uitkwam.

In Berlijn, Goslar, Düsseldorf, Leipzig, München en Badenweiler bezoekt ze plekken die haar muze eertijds heeft aangedaan: cafés, een uurwerkmuseum, huizen waar vrienden en kennissen van Roth woonden. Snick diept daarbij anekdotes uit Roths leven op en probeert door de bezoeken dichter bij Roth te komen. Soms lukt dat aardig, op andere momenten lijken de pogingen vergezocht. Een café in Berlijn waar Roth vaak werkte, is vandaag bijvoorbeeld een McDonalds, waarvan op tafels en stoelen na het interieur intact is gebleven.

“Van Roth is bekend dat hij het best kon werken als hij omringd was door mensen en geroezemoes en dat het hem niet stoorde als iemand hem aansprak. McDonald’s heeft zo zijn voordelen: je wordt er niet gestoord en je kunt met een enkel drankje blijven zitten zolang je wilt. Ik probeer aan een tafeltje dat uitkijkt op straat mijn eerste indrukken van Berlijn te noteren en een aantal brieven te lezen die hij hier heeft geschreven. Langer dan een uur houd ik het niet vol.”

Het reistempo ligt hoog en als lezer moet je bij de les blijven. Zeker in Berlijn komen er veel indrukken op Snick af. Dat levert een realistische schets op van een bezoek aan een stad waar aan elke straatsteen enkele kilo’s wereldgeschiedenis kleven, maar net als in een echte reis snak je als lezer soms naar een rustpunt. Op enkele bladzijden tijd behandelt ze bijvoorbeeld een bezoek aan de Hochschule der Populären Künste, de geschiedenis van het Stolpersteinproject, de biografie van een jazzviolist en de Duitse orde van de dag: een beetje te veel van het goede. In latere hoofdstukken van het boek zit de balans beter in elkaar.

Het hoofdstuk over Heidenau is een sterke reportage over het Duitsland van vandaag

Duitsland op het spoor is veel meer dan een boek in de voetsporen van Joseph Roth. Terloops komt Snick meer over haar eigen familiegeschiedenis te weten, wanneer ze op bezoek gaat bij twee kinderen die na de Tweede Wereldoorlog bij haar ouders hebben gelogeerd. Maar het best zijn Snicks conversaties met doodgewone Duitsers waarvan de afspraak niet op voorhand werd vastgelegd: de Turkse hulp in een treinstation, een frisdrankverkoper, studenten, mensen die in een parkje op een bank of op café aan een tafel zitten. De nawerkingen van de Tweede Wereldoorlog en de opdeling tussen Oost- en West-Duitsland zijn in die gesprekken nooit veraf. In Heidenau, het stadje in Oost-Duitsland waar er erg gewelddadige rellen waren naar aanleiding van de komst van Syrische vluchtelingen, praat ze zowel met vluchtelingen als met gelaten cafégangers, wat een sterke reportage over het Duitsland van vandaag oplevert.

In het laatste hoofdstuk vertelt Snick over haar ontmoeting met de pianist van hotel Römerbad in kuuroord Badenweiler. Even lijkt het alsof Joseph Roth zelf de pen vasthoudt.

“Deze nachtelijke uren zijn voor hem de beste, zegt Michael. Als iedereen slaapt en hij hier alleen zit te spelen. Zachtjes. Hij speelt altijd voor Elisabeth, zijn grote liefde. Hij zag haar op een keer hier in de bar, samen met haar moeder, en werd op slag verliefd.”

Een literaire roadtrip, een emotionele zoektocht naar de eigen familiegeschiedenis en een reportage over hoe Duitsers omgaan met hun eigen geschiedenis én met de vluchtelingencrisis, en dat allemaal op nog geen 150 bladzijden. Te veel van het goede? Een enkele keer wel, maar indrukken opdoen hoort nu eenmaal bij reizen, zoals Duitsland op het spoor bij de betere reisliteratuur.

Duitsland op het spoor
Jaar van uitgave: 2016 Categorie:
Uitgever: Bas Lubberhuizen Bladzijden: 143 Duitsland-op-het-spoor Els Snick